Verplichting tot verwijderen overbouw
Onlangs heeft de voorzieningenrechter van de rechtbank Utrecht uitspraak gedaan in een door mr. Willem de Vries bepleitte zaak.
In deze zaak ging het om de eigenaar van een pand die het dak van zijn pand dusdanig had verbouwd dat een deel van het dak boven het platte dak van zijn buurman uit was komen steken. Gedurende de werkzaamheden merkte de buurman dit op en verzocht hij de eigenaar tevergeefs om het dak dusdanig aan te passen dat er geen sprake meer zou zijn van een overbouw. Aangezien de aanpassing door de eigenaar geweigerd werd, maakte de buurman, bijgestaan door mr. De Vries, een kort geding procedure aanhangig teneinde dit alsnog te bewerkstelligen.
De voorzieningenrechter diende allereerst de vraag te beantwoorden of de buurman voldoende belang had om de overbouw te laten wegnemen. Daarnaast speelde ook de vraag of de buurman met deze vordering misbruik van zijn bevoegdheid zou maken.
De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat de buurman inderdaad voldoende belang heeft bij zijn vordering, nu hij door het uitstekende dak in zijn verbouwingsmogelijkheden wordt belemmerd. Bovendien maakt de buurman naar het oordeel van de rechter geen misbruik van recht, omdat er geen onevenredigheid is tussen het belang van de eigenaar om het dak niet aan te passen – voor de aanpassing van het dak zou een bedrag van circa € 30.000,-- gemoeid zijn – en het belang van de buurman om zijn verbouwmogelijkheden open te houden. De door de eigenaar aangebrachte overbouw moest dan ook worden verwijderd.






